De opdracht: Mark doet over een maand mee aan een zeepkistenrace. Natuurlijk wil hij graag winnen en de snelste wagen maken. Hij moet dus snel zijn, makkelijk te sturen, maar ook erg stevig. Het zou ook leuk zijn, als hij iets nieuws kan, wat nog niet bestaat. Een leuke eyecatcher dus. Kun jij mij helpen?
Mark: Over een maand doe ik mee aan een zeepkistenrace. Ik heb er super veel zin in en natuurlijk wil ik graag winnen. Dus moet ik de snelste wagen bouwen. Hij moet hard kunnen, makkelijk te besturen zijn én lekker stevig in elkaar zitten, want anders valt hij halverwege uit elkaar. En wat ik nog veel leuker zou vinden: hij moet iets bijzonders kunnen wat geen andere zeepkist heeft. Een echte eyecatcher dus, zodat iedereen langs de baan wat te zien heeft. Kun jij mij helpen om mijn beste zeepkist ooit te maken? Ik hoor graag wat je verzint.
Jouw opdracht: ontwerp en bouw een zeepkist die snel, makkelijk te sturen en stevig is, en die iets nieuws of bijzonders kan wat andere zeepkisten niet hebben. Het mag een echte zeepkist zijn of een schaalmodel waarin je je idee laat zien.
Voordat je begint, denk na:
Maak het af:
Voor de échte uitdager: Hier zit zoveel natuurkunde in, dat racewagenbouwers er hele studies aan wijden. Onderzoek wat “stroomlijn” betekent. Een wagen waar lucht soepel langsstroomt, gaat veel sneller dan een vierkante doos, omdat lucht heel veel weerstand geeft. Vorm je zeepkist daarom afgerond, met de neus naar voren spits, niet plat. Daag jezelf daarna uit met het wielenvraagstuk. Grote wielen rollen makkelijker over oneffenheden in de weg, kleine wielen draaien sneller bij dezelfde snelheid. Wat is dan beter, en hangt het af van de baan? Onderzoek dit en kies bewust. Bedenk ook iets wat echte autobouwers doen: het zwaartepunt zo laag mogelijk leggen. Hoe lager iets zit, hoe stabieler het is in een bocht. Probeer in jouw ontwerp het zwaartepunt zo laag mogelijk te krijgen. Reken ook eens iets uit. Stel, jouw baan is 150 meter lang en daalt 10 meter. Hoe snel kan een zeepkist daar maximaal halen, alleen door de zwaartekracht? Met een eenvoudig sommetje (snelheid komt uit de hoogte die je daalt) kun je dat ongeveer schatten. En als de wrijving 30 procent van die snelheid afsnoept, hoe hard ga je dan nog? Bedenk ten slotte iets over je eyecatcher: hij moet niet alleen leuk zijn voor het publiek, maar ook werken als hij in beweging is. Een vleugel die alleen mooi staat in stilstand telt niet. Iets dat draait, klappert, wapperende vlaggen, of een geluid dat verandert met je snelheid trekt veel meer aandacht. Wie de stroomlijn slim ontwerpt, het zwaartepunt laag houdt, zijn wielen bewust kiest én een eyecatcher toevoegt die ook in volle vaart werkt, bouwt geen schoolzeepkist, maar het soort wagen waar de organisator je na de finish over wil interviewen.